“Objection your Honour!”

Beweringen en bewijzen

Het afscheid van Pauw & Witteman heeft als voordeel dat er veel minder strafadvocaten op de televisie zullen verschijnen. Dat is een verademing voor iemand die een allergie voor strafadvocaten heeft ontwikkeld.

Meijering 2

Natuurlijk heeft iedere verdachte recht op een advocaat die hem zo goed mogelijk verdedigt, maar dat betekent niet dat zo’n advocaat zich op zijn borst kan slaan vanwege het hoge morele gehalte van zijn handelen. Een oude wijsheid in het recht zegt, dat wanneer wetten konden spreken, zij zich vooral over advocaten zouden beklagen.

Het is allemaal begonnen met de televisie. Misdaad is televisiegeniek. Het misdaadverhaal bevredigt niet alleen onze zucht naar spanning en sensatie, het appelleert ook aan ons rechtvaardigheidsgevoel.
Wij voelen ons een beter mens als de boef na een eerlijk proces achter tralies verdwijnt. Het is de strafadvocaat die in onze rechtspraak het competitie-element toevoegt. Hij, en tegenwoordig vaak ook zij, is met het Openbaar Ministerie in een direct gevecht verwikkeld, dat kan worden samengevat in drie woorden: “Objection your Honour!”.

Zodoende is de strafadvocaat een publieke figuur geworden, die veelvuldig in de media optreedt en die de media ook weet te bespelen. Daarnaast geeft hij eigenhandig persconferenties, die live via het internet worden uitgezonden. Daarin spreekt hij vol verontwaardiging over het leed dat zijn cliënt is aangedaan. Dat zijn cliënt niet zelden een zware crimineel is, die met achteloos gemak anderen iets heeft aangedaan, verdwijnt meestal naar de achtergrond. De dichter Martialis zei het al: “Advocaten zijn mensen, wier woorden en woede je kunt inhuren”.

De afgelopen jaren is een legertje van strafadvocaten aan het publieke oog voorbijgetrokken. Zij die hard kraaien, vallen soms diep, zoals Bram Moskowicz, die zijn kapitale pand in de Gouden Bocht van de grachtengordel heeft moeten verlaten voor een bescheidener optrekje in Sloterdijk. Maar van Gerard Spong, Bénédicte Ficq en velen anderen zullen wij blijven horen.

Martha

Wie de laatste tijd voorop loopt in de carnavalsoptocht van strafadvocaten is Nicolaas Meijering – voor cliënten en journalisten gewoon: “Nico” . Na de moord op Gwenette Martha, die in Amsterdam met een recordaantal van tachtig kogels werd doorzeefd, gingen bij Meijering alle remmen los. Hij bekritiseerde het Openbaar Ministerie, omdat men daar Martha niet had willen beveiligen. Daarnaast noemde Meijering burgemeester Van der Laan “een populist”, die op “onderbuikgevoelens” had ingespeeld. Door beveiliging af te wijzen, was Martha namelijk vogelvrij verklaard. Uit de woede van Meijering kreeg je bijna de indruk dat Van der Laan zelf al die tachtig kogels in de bast van Martha had geschoten. Meijering eiste het aftreden van Van der Laan.

Onder de kop “Vadertje staat, de misdadiger is ook een mens” doet Meijering er in deze krant nog een schepje bovenop. Misschien zijn het mijn onderbuikgevoelens die opspelen, maar er staan wel hele rare dingen in dat opiniestuk. Zo vindt de strafadvocaat het verwijtbaar dat Van der Laan alleen maar bescherming wilde toezeggen als de crimineel in kwestie bepaalde dingen zou vertellen. Dat lijkt me volkomen logisch. Voor wat, hoort wat. Een crimineel die beroep doet op gemeenschapsgeld, mag daarvoor best iets terugdoen. Vadertje staat is wel goed, maar niet gek.

Ook maakt Meijering zich erg druk over de aan Martha opgelegde verplichting zich wekelijks te melden. Daardoor zou hij een gemakkelijk doelwit zijn geworden. Dus als het aan zijn advocaat had gelegen, had Martha zich – ondanks alle aanklachten en lopende zaken – vrij moeten kunnen bewegen. Hoppend van de ene plaats naar de andere, voor mijn part van het ene land naar het andere, dat allemaal om zijn belagers op het verkeerde been te zetten. Geen enkel rechtssysteem dat zichzelf serieus neemt, kan zoiets toestaan.

De klachten van Meijering staan in schril contrast met zijn eigen constructieve medewerking. Nee, Martha wilde niets vertellen, want hij wist niets. En hij wilde vooral ook niet speculeren. Door wie Martha omgelegd zou worden, daar had de topcrimineel ook al geen idee van. Speculaties, mijnheer, je wist het gewoon niet. Eigenlijk best een aardige kerel, die Gwenette. Altijd cash geld op zak, nooit pinnen en nooit te dom om zo maar wat rond te bellen. En ja, hij had wel eens in een auto gezeten met vuurwapens aan boord, maar toen was hij alleen maar passagier geweest. Behalve wat kleinigheidjes nooit iets echt bewezen.

Als ik het goed begrijp, moest Martha beschermd worden tegen een kogelregen die ineens zo maar, naamloos, uit de lucht kwam vallen. Mag die Meijering ook verbannen worden naar Osdorp?

de Volkskrant, 4 juni 2014